You are here

Full Disclosure

Update:
Nadat WISE het onderwerp "full disclosure - volledige transparantie in de Nederlandse stroommarkt'' een kickstart had gegeven en in dec. 2014 een symposium hierover had georganiseerd, neemt Natuur & Milieu in goed overleg het lobbywerk voor haar rekening. Dit resulteert op 29 september 2015 in een oproep aan de Tweede Kamer waarin we gezamenlijk pleiten voor een 100% transparante stroommarkt. Tal van organisaties ondersteunen deze oproep, waaronder energieleveranciers.

Op 6 oktober 2015 wordt in de Tweede Kamer een motie van Jan Vos (PvdA) en Liesbeth van Tongeren (GroenLinks) aangenomen waarin de volgende punten zijn opgenomen:

  • De regering wordt verzocht onderzoek te doen naar de uitvoeringsvraagstukken en kosten die samenhangen met het invoeren van een systeem van full disclosure voor energieconsumenten.
  • De regering wordt verzocht daarover in overleg te gaan en in samenwerking te treden met marktpartijen en milieu- en consumentenorganisaties.
  • De Minister wordt verzocht het onderzoek naar het ontwerp van systematiek op hoofdlijnen af te ronden in 2016 en de Kamer daarover te informeren.

Minister Kamp reageert op 15 december 2015 met een brief waarin hij toezegt deze punten in het eerste halfjaar van 2016 uit te voeren.

Hieronder volgt een eerder geschreven dossier met info en achtergronden over Full Disclosure.

Inleiding
Disclosure in NL -  het stroometiket
Full Disclosure en milieudoelen
Full Disclosure in Oostenrijk, vanuit de milieubeweging gezien
Full Disclosure in Zwitserland, vanuit de netbeheerder gezien
Nederlandse experts over Full Disclosure
Eneco over Full Disclosure
Discussiepunten
Hoe verder? Natuur & Milieu pakt het op!

 

Inleiding

80 experts van de energiemarkt kwamen op 20-11-2014 in Amsterdam in een afgeladen NRC opinie en debatzaal bijeen om te praten over Full Disclosure, het certificeren van àlle soorten stroom.

Op deze pagina leest u een verslag van het evenement dat tegelijk dient als een overzicht: waar staan we in Nederland als het gaat om transparantie in de stroommarkt, en wat gaat de toekomst brengen? 

Elektriciteit uit kolencentrales is niet anders dan elektriciteit uit windmolens. De energiebron die de dynamo’s aandrijft is echter totaal anders. Alleen met  certificatie van de gebruikte energiebron met Garanties van Oorsprong (GvO’s) kan deze administratief worden toegewezen aan verbruikers. Het GvO systeem is het enige betrouwbare systeem voor consumenteninformatie, maar is alleen verplicht voor hernieuwbare stroom. Echter bestaat het grootste deel van onze elektriciteit (ca. 90%) uit grijze stroom afkomstig uit bijvoorbeeld kolen- gas en kerncentrales, en die wordt niet gecertificeerd. Er worden andere methoden gebruikt om verbruikers te informeren. Hoe betrouwbaar zijn die en moet voor fossiele en nucleaire elektriciteit niet ook de GvO verplicht gesteld worden?

Disclosure in NL - het stroometiket

Maarten Afman, CE Delft

Maarten Afman van onderzoeksbureau CE Delft trapt af met een inleiding over het Nederlandse stroometiket. CE Delft maakte in 2014 in opdracht van de ACM (Autoriteit Consument en Markt) de achtergrondgegevens stroometikettering. Het doel van deze berekeningen: een uniforme basis voor het opstellen van betrouwbare en vergelijkbare stroometiketten waarmee de energiebedrijven klanten moeten informeren over de herkomst van hun stroom. De fuel mix, de binnenlandse productie en de import worden in kaart gebracht en er vindt een vertaling plaats naar milieuconsequenties. Zo weten we uiteindelijk wat de CO2 uitstoot van de verschillende manieren van stroomproductie is en hoeveel radioactief afval er ontstaat.

Na afloop van de presentatie werden o.a. door Peter Niermeijer (RECS) vragen gesteld over de mate waarin het Nederlandse stroometiket in overeenstemming is met de Europese CEER aanbevelingen. Het CEER (Council of European Energy Regulaters) is de Europese koepelorganisatie van de netwerkbeheerders. Volgens deze aanbevelingen zou het GvO als enig middel gebruikt moeten worden om transparantie over de herkomst van elektriciteit te verschaffen. In het Nederlandse stroometiket gebeurt dit slechts voor het groene deel van het stroometiket. Voor het grijze deel wordt er landelijk gekeken naar hoeveel en met welke brandstoffen er wordt geproduceerd, vervolgens kunnen de energiebedrijven daarvan hun deel van de taart claimen. Dit proces is niet geheel doorzichtig en zeker niet volgens de CEER aanbevelingen. De vraag waarom de CEER aanbevelingen niet worden gehanteerd kon natuurlijk door Maarten beantwoord worden: het is een keuze van de politiek. En de vraag moet dus aan het Ministerie van Economische Zaken gesteld worden. Verschillende energiedeskundigen van dat Ministerie waren voor het symposium uitgenodigd maar waren helaas niet in staat om te komen.

 

WISE verwacht veel van Full Disclosure

Markus Schmid, WISE

WISE wil graag het debat openen over Full Disclosure. Waarom vindt een milieuorganisatie certificering van àlle soorten stroom belangrijk?

63% van de Nederlandse huishoudens kiest voor groene stroom. De keuze voor groene stroom is boven alles een heel sterk signaal: doe iets! Maak onze energievoorziening duurzamer! Maar dit ‘ja’ voor groene stroom is tegelijk ook een ‘nee’ tegen fossiele energie en klimaatverandering. Met dat ‘nee’ doen we vooralsnog weinig in Nederland. 90% van de Nederlandse energiewinning draait gewoon door op fossiele en kernenergie.

Er bestaat in Nederland geen betrouwbaar tracking mechanisme voor grijze stroom. Waarom wordt grijze stroom niet gewoon ook gecertificeerd, net zoals groen stroom? Gelijke monniken, gelijke kappen! Eigenlijk is nu eerder sprake van een ongelijk speelveld waarin de fossiele energiebedrijven - alweer - een voordeel krijgen.

Nu kunnen fossiele energiebedrijven gewoon nog grijze stroom leveren. Die grijze stroom is in de perceptie van veel mensen onschuldig. Het is de ouderwetse stroom, een vage mix van 'van alles'. De lelijke realiteit van kolen- en kerncentrales dringt anders tot ons door als elk Megawattuur gecertificeerd is. Dan staat er zwart op wit op je stroomrekening dat er een direct verband is tussen jouw gekochte stroom en, bijvoorbeeld, een kolencentrale. En als je dan in de krant leest dat kolencentrales een belangrijke bijdrage aan klimaatverandering leveren, dan gaat dat ook over jou.

Full Disclosure verandert de stroommarkt. Zoals we nu kunnen kiezen tussen groene stroom uit wind, water of biomassa kunnen we straks ook kiezen tussen de verschillende soorten grijze stroom. Alle nuances moeten zichtbaar worden. Dan pas weet de klant wat hij of zij koopt.

 

Full Disclosure in Oostenrijk, vanuit de milieubeweging gezien

Reinhard Uhrig, Global 2000

Zwitserland en Oostenrijk zijn de eerste landen waarin Full Disclosure al wordt toegepast. Sinds 2013 hebben deze landen volledige transparantie in de stroommarkt.

Als het gaat om elektriciteit is Oostenrijk is een bijzonder land. Bijna ¾ van de stroomopwekking is hernieuwbaar en dat is voor het allergrootste deel te danken aan de vele waterkrachtcentrales die het land al sinds de dertiger jaren van de vorige eeuw van schone elektriciteit voorzien. Oostenrijk heeft van oudsher een sterke anti-kernenergie beweging. Het merendeel van alle Oostenrijkers, van politiek links tot rechts, is tegen kernenergie. Het in bedrijf nemen van een kerncentrale is er ook nooit gelukt. Na de kernramp in Fukushima in 2011 bereikte de nationale weerzin tegen kernenergie opnieuw een hoogtepunt. De Oostenrijkse regering besloot onder druk van een breed gedragen sentiment om het land nu volledig kernenergievrij te maken. Ook de import van kernenergie moest worden gestopt. Maar hoe doe je dat, hoe voorkom je de import van een specifiek deel van de stroomlevering? Aan de fysieke stroom kun je tenslotte niet zien waar die vandaan komt.

De stroommarkt in Oostenrijk was in 2011 (en is) zeer ondoorzichtig. Eigendomsstructuren van bedrijven zijn onderling extreem vervlochten en een aanzienlijk deel van de geproduceerde elektriciteit (14%) was niet te traceren. Garanties van Oorsprong (Herkunftsnachweise) werden – zoals nu in Nederland – alleen voor groene stroom uitgegeven. Het kernenergie deel van de stroom import zat in dat ongedefinieerde deel.

Het antwoord op alle vragen was volledige certificering van alle soorten stroom die in Oostenrijk in omloop zijn en het stapsgewijze verbannen van grijze stroom (“Strom unbekannter Herkunft”). De milieuorganisaties Global 2000 en Greenpeace voerden campagne om een wijziging van de wet tot stand te brengen. In deze wet (“Stromkennzeichnungsverordnung”) werd vastgelegd dat voortaan alleen nog stroom geïmporteerd kon worden waarvan de herkomst door middel van GvO’s te bewijzen is. Er werd vastgelegd dat particulieren per 01-01-2013 en zakelijke klanten per 01-01-2015 alleen nog volledig gecertificeerde elektriciteit mogen ontvangen.

Het een en ander heeft geleid tot een snelle afname van het aandeel grijze stroom in Oostenrijk, van 14% in 2011 naar 7% in 2013. Kernenergiecertificaten zijn in Oostenrijk niet verboden en kunnen in theorie nog steeds binnenkomen. Maar dan wel gecertificeerd - de verbruiker krijgt dat dan ook te zien. De realiteit is dat geen energiebedrijf dit nog aandurft. Meer lange termijn effecten van Full Disclosure zijn volgens Reinhard Uhrig te verwachten als het gaat om het consumentenvertrouwen. Ook in Oostenrijk heerst er veel wantrouwen ten opzichte van groene stroom. Als alle stroom traceerbaar is en dit gecombineerd kan worden met een overzicht van de eigendomsstructuren, dan wordt het voor de consument een stuk makkelijker om een echt groene keuze maken.

 

Full Disclosure in Zwitserland, vanuit de netbeheerder gezien

Lukas Groebke, Swissgrid

Het energielandschap in Zwitserland was tot een aantal jaren geleden overzichtelijk: 60% elektriciteitsproductie kwam uit waterkracht (voornamelijk oude centrales), daarnaast draaiden in het land ook nog vijf kerncentrales, deze leverden 40% van de elektriciteit. In 2008 werd een feed-in-tarief geïntroduceerd om nieuwe duurzame energie te stimuleren. Maximaal 5,4 TWh zou er per jaar er bij mogen komen aan hernieuwbare elektriciteit. In 2030 zou nieuwe hernieuwbare productie 10% van de energiemix uitmaken. Tegelijk zouden de kerncentrales worden uit gefaseerd. Maar het gaat sneller dan gedacht. In 2014 is volgens Groebke 25% van het target al behaald en liggen er 50.000 aanvragen voor subsidies die in het huidige systeem niet kunnen worden gehonoreerd. Momenteel wordt daarom een aanpassing van het systeem overwogen die een snellere uitbouw van duurzame energie mogelijk moet maken. In 2050 moet Zwitserland volledig draaien op hernieuwbare energie, maar dat doel zal dus waarschijnlijk veel eerder worden bereikt.

Om de ambitieuze doelen te bereiken is draagvlak en betrokkenheid van de bevolking een voorwaarde. Volledige transparantie voor consumenten draagt daar aan bij en is daarom een belangrijke pijler van de Zwitserse energiestrategie. Full Disclosure werd op 01-01-2013 wettelijk verplicht. De introductie van dit systeem werd met Zwitserse perfectie doorgevoerd. Nog geen twee jaar verder zijn nagenoeg alle producenten (er zijn enorm veel kleine energieproducenten in Zwitserland) op het systeem aangesloten, hun installaties worden sindsdien gecertificeerd. En alle stroomverbruikers krijgen sindsdien op hun stroomrekeningen te zien waar precies hun stroomleverancier de gekochte stroom vandaan haalt. Hierbij dienen GvO’s als basis voor zowel de groene als ook het grijze deel van de stroomlevering.

Essentieel is volgens Groebke dat het systeem in balans is. Er mogen geen certificaten uit het systeem verdwijnen, bijvoorbeeld omdat deze verlopen (GvO’s hebben een houdbaarheid van een jaar). In Zwitserland worden alle certificaten die in het land geproduceerd worden uiteindelijk ook aan een verbruiker toegewezen. Certificaten die niet worden gebruikt omdat er geen vraag naar is, bijvoorbeeld uit kernenergie, worden toegewezen aan verbruikers die geen gecertificeerde stroom hebben gekocht. Interessant is ook dat de GvO‘s uit duurzame productie, die met behulp van het Zwitserse feed-in subsidie systeem tot stand zijn gekomen, automatisch worden toegewezen aan alle Zwitserse burgers. GvO’s uit gesubsidieerde installaties kunnen niet worden verhandeld op de certificatenmarkt. Een mooie solidaire gedachte: met z’n allen de energiewende betalen? Dan krijgt iedereen ook een aandeel van de groene stroom certificaten toegewezen.

Een veel gehoord bezwaar tegen het GvO systeem in het algemeen is dat er geen koppeling tussen de fysieke elektriciteit en de certificaten is. Groebke toont aan dat deze kritiek in een goed gebalanceerd systeem (en niet per se een gesloten systeem) geen rol meer speelt. Alle stroom wordt verdeeld, alle certificaten worden verdeeld, er mogen geen certificaten ‘verdwijnen’, aan het eind moeten beide volumes overeen komen.

 

Nederlandse experts over Full Disclosure

Peter Niermeijer (RECS) en Jan van der Lee (CertiQ)

De twee heren die door gespreksleider Peer de Rijk (directeur WISE) naar voren worden gehaald zijn bij uitstek kenners van de elektriciteitsmarkt en alles wat te maken heeft met de certificatie van elektriciteit. Peter Niermeijer stond aan de wieg van het GvO systeem en geeft nu leiding aan RECS, de koepelorganisatie voor marktpartijen die met het GvO systeem werken. Jan van der Lee is directeur van CertiQ, de instantie die alle administratie rond certificering van elektriciteit in Nederland verzorgd. De eerste vragen van Peer zijn: “Is Full Disclosure in Nederland mogelijk?” en “Zijn er technische bezwaren die volledige certificering zouden bemoeilijken?”. Het antwoord op de tweede vraag is volmondig: “nee”! Beide experts beamen dat alle processen klaar staan voor Full Disclosure. Het gros van de energieproducenten - honderden kleine en middelgrote duurzame producenten - is al aangesloten bij CertiQ (een uitzondering is trouwens de groep van particuliere eigenaren van zonnepanelen, die staan grotendeels niet geregistreerd bij CertiQ). Full Disclosure zou vanuit technisch standpunt slechts een kleine stap zijn want in feite gaat het slechts om aansluiting op het systeem van een aantal grote productie-installaties (de kolen- gas- en kerncentrales van Nederland) en het inrichten van de erbij behorende administratieve processen.

 

Eneco over Full Disclosure

Ruud Vrolijk (Eneco)

Hoe denkt de op twee na grootste energieleverancier over Full Disclosure? Ruud Vrolijk is manager regulatory affairs bij Eneco. Zijn belangrijkste punten:

  • Uitgangspunt is het perspectief van de klant
  • Full Disclosure is een belangrijke stap naar verbetering van het stroometiket
  • Stroometiket moet een directe afspiegeling zijn van de eigen productie van een energiebedrijf. Ook de CO2-uitstoot van de geleverde stroom moet werkelijk iets zeggen over hoe het bedrijf elektriciteit opwekt. 
  • Full Disclosure verplicht voor alle leveranciers zodat klanten hun  leverancier kunnen kiezen o.b.v. onderling vergelijkbare informatie
  • Kwaliteit van alle geleverde stroom (uit eigen productie of handel, toegepaste  duurzaamheidscriteria, etc.) is relevanter dan een simpel onderscheid binnen- of buitenland voor hernieuwbare stroom. Full Disclosure kan daar belangrijke bijdrage aan leveren.

Eneco heeft in het verleden geëxperimenteerd met de certificering van een gascentrale met het doel om meer grip te krijgen op het eigen stroometiket. Met de eigen certificaten kon Eneco de eigen energieproductie één op één door vertalen naar het stroometiket. Dat was op zich een succes, maar ging ook gepaard met extra kosten. Eneco pleit daarom voor regulering. Ja graag, maar dan ook verplicht voor alle bedrijven.

Discussiepunten

Chris Arthers (Essent) vond dat Eneco hier toch met een model kwam dat minder met Full Disclosure te maken heeft en meer met de ambitie om grip te krijgen op het eigen stroometiket. Volgens hem biedt Full Disclosure een opening om met certificaten elke gewenste leveringsmix te kunnen toveren die juist helemaal niet meer gerelateerd hoeft te zijn aan de eigen productie. Een producent van kolenstroom zou de erbij behorende certificaten toch gewoon op de plank kunnen leggen en vervangen door groene waterkrachtcertificaten? Volgens Arthers geeft het huidige systeem juist beter weer wat de werkelijke fuelmix van een energiebedrijf is. Volgens een reactie van Lukas Groebke (die na afloop van de conferentie nog per email binnenkwam) zijn deze zorgen ongegrond. In het Zwitserse systeem is het wettelijk geregeld dat elk GvO dat in Zwitserland wordt geproduceerd ook ten behoeve van de certificering in Zwitserland moet worden ingezet.Het is niet mogelijk om minder geliefde GvO's te laten verdwijnen.

Vanuit Anne Korthals Altes (NUON) kwam deze vraag: Als het stroometikett (zoals Ruud Vrolijk van Eneco beaamt) een weerspiegeling van de eigen productie is, hoe zit het dan met bedrijven die helemaal geen eigen productie hebben? We verwijzen hier graag naar het verhaal van Lukas Groebke. Hij beweerde dat dit soort ingewikkeldheden in een goed gebalanceerd systeem goed worden opgelost.

Hoe verder? Natuur & Milieu pakt het op!

Wilma Berends (Natuur & Milieu)

Tegen het eind van de middag neemt Wilma Berends namens Natuur & Milieu de microfoon om een snelle peiling te doen: “Wie is er na alles wat we hebben gehoord overtuigd dat Full Disclosure een goed idee voor Nederland is“ ? Een overweldigende meerderheid van de handen gaat de lucht in.

Slechts enkele critici (vooral vertegenwoordigers van fossiele energiebedrijven) willen vasthouden aan het huidige systeem. Wilma kondigt daarop aan dat Natuur & Milieu een vervolg wil geven aan het symposium en een stakeholderstraject wil starten om bij alle betrokken partijen steun te vergaren voor Full Disclosure. Uiteindelijk zal er ook in Nederland een wetswijziging voor nodig zijn, en die komt er alleen als genoeg partijen er samen naar toe werken. De aanwezigen worden opgeroepen om hun visitekaartjes bij Wilma af te geven. Wie dit leest en de ‘coalition of the willing’ wil versterken, kan een mail sturen aan Wilma.

WISE is blij dat Natuur & Milieu het onderwerp oppakt. De rol van WISE is om dit soort heikele en vernieuwende ideeën op de agenda te krijgen, maar WISE heeft niet de ambitie om op dit onderwerp zelf een lobbytraject te starten. WISE heeft wel haar verantwoordelijkheid genomen door van tevoren te kijken wie Full Disclosure verder gaat brengen, en natuurlijk blijft WISE het onderwerp op de voet volgen. 

 

Meer weten over Full Disclosure? Er zijn ook audiobestanden van het hele evenement beschikbaar. Neem contact op met Markus Schmid, campagneleider Groene stroom? Ja Graag! bij WISE.