De Europe Commissie, de Raad en het Parlement beslissen de komende maanden over de toekomst van het Europese klimaatbeleid. Het gaat niet alleen om de geloofwaardigheid van de EU met betrekking tot een voorspelbare en koersvaste strategie – cruciaal voor beslissingen van overheidsinstellingen en bedrijven over langetermijninvesteringen die aansluiten bij de uitdagingen van de 21e eeuw – maar ook om de bijdrage van de EU aan de wereldwijde klimaatactie. Beslissingen om het klimaatbeleid van de EU te verzwakken, brengen innovatieve en toekomstgerichte oplossingen en investeringen ter waarde van miljarden euro’s in gevaar.
Europa is het snelst opwarmende continent ter wereld. De huidige hittegolf die Europa teistert is het zoveelste signaal dat we snel in actie moeten komen. Het moge duidelijk zijn dat we de ingezette koers van de Europese Green Deal moeten voortzetten en versterken, ook na 2030. Dit is niet alleen noodzakelijk voor het klimaat, maar ook een strategische investering om enorme economische en financiële kosten in de toekomst te voorkomen. Om het nog maar niet te hebben over de steeds negatievere gevolgen voor de volksgezondheid en vermijdbare sterfgevallen. Tijdig en daadkrachtig optreden tegen klimaatverandering zal een breed scala aan voordelen opleveren: door de ambities te verhogen, zou de EU al in 2030 minstens € 1 biljoen kunnen besparen, terwijl tegelijkertijd de energiezekerheid en economische veerkracht worden versterkt. Die wordt momenteel met name door de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen juist ondermijnd.
Versterk het ETS
Voor WISE moet het EU-emissiehandelssysteem (ETS) de hoeksteen blijven van het EU-klimaat- en industriebeleid, zeker met het oog op het behalen van de nieuwe doelstelling voor 2040. Dit is niet alleen een klimaatnoodzaak, maar ook een kwestie van economische veerkracht en energiezekerheid. Europa geeft nog steeds bijna € 400 miljard per jaar uit aan de import van fossiele brandstoffen. Hierdoor stellen zij de economie bloot aan geopolitieke risico’s, prijsvolatiliteit en verstoringen in de toevoer. De roekeloze aanval van Trump in Iran en de daaropvolgende gebeurtenissen hebben eens te meer aangetoond hoe snel deze kwetsbaarheden zich vertalen in reële economische kosten.
Het verminderen van deze afhankelijkheid vereist een versnelde transitie naar schone, binnenlandse energie en een industriële transformatie. Een sterk en geloofwaardig koolstofbeprijzingsmechanisme is essentieel voor deze inspanning. Van 2026 tot 2030 zal het systeem naar verwachting tussen de € 120 en € 150 miljard aan inkomsten genereren. Dit biedt een unieke kans om de industriële transformatie van Europa te financieren, te investeren in schone technologieën en infrastructuur, en huishoudens en werknemers te ondersteunen tijdens de transitie.
In een tijd van toenemende wereldwijde concurrentie in de schone industrie zou een verzwakking van het ETS de investeringszekerheid ondermijnen en het risico vergroten dat schone industriële projecten buiten de EU worden uitgevoerd. De komende ETS-evaluatie is daarom een cruciaal moment om het systeem te versterken en niet te verzwakken.
Belangrijkste maatregelen
In het licht van de aanstaande onderhandelingen over de herziening van het EU-ETS deelt WISE graag de volgende inzichten:
- Het huidige plafondtraject en de lineaire reductiefactor moeten ten minste tot 2036 worden gehandhaafd. Discussies over extra flexibiliteit zouden alleen betrekking moeten hebben op de periode daarna, wanneer mogelijk beperkte liquiditeitsrisico’s moeten worden aangepakt.
- De uitfasering van gratis toewijzingen moet worden voortgezet. De voorwaarden verbonden aan de resterende gratis toewijzingen moeten worden aangescherpt. Zo kunnen extra investeringen in industriële transformatie en ingrijpende emissiereducties worden afgedwongen.
- Ten derde moeten de ETS-inkomsten strategisch worden ingezet. Dit betekent investeren in schone industriële technologieën, infrastructuur en de inzet van hernieuwbare energiebronnen. Tegelijkertijd moeten huishoudens en werknemers worden geholpen om de kosten van de transitie te dragen, zowel binnen Europa als internationaal.
- De integriteit van het ETS moet worden beschermd. Koolstofverwijdering en internationale kredieten moeten buiten het systeem blijven. De introductie ervan in het ETS zou de koolstofprijs verzwakken, de prikkels voor daadwerkelijke emissiereducties in de Europese industrie verminderen en het vertrouwen in het systeem ondermijnen.
Wij vrezen dat een ondoordachte verzwakking van het ETS kan leiden tot de uitstoot van miljarden tonnen CO2-equivalent in de atmosfeer. Hierdoor zullen de kosten van de zich ontvouwende klimaatcrisis voor (Europese) burgers en instellingen verder toenemen. Wij dringen er op aan dat het ETS blijft functioneren als integraal klimaatbeleid.